7 december 2016

beëindigingsovereenkomst

De beëindigingsovereenkomst of vaststellingsovereenkomst

Een arbeidsovereenkomst kan op eindigen door ontslag, een ontbinding via de rechter, opzegging door werkgever of werknemer en met een beëindigingsovereenkomst. Die laatste is een schriftelijke overeenkomst waarin werkgever en werknemer afspreken om het dienstverband te beëindigen. In de overeenkomst worden dan de voorwaarden opgenomen, zoals betaling van het loon, wel of niet tot de einddatum doorwerken, eventuele transitievergoeding, etcetera. Door de beëindigingsovereenkomst eindigt een arbeidsovereenkomst met wederzijds goedvinden.

Totstandkoming beëindigingsovereenkomst

Vaak zal het de werkgever zijn die aan de werknemer een voorstel doet om het dienstverband te beëindigen door het toesturen van een, door de werkgever al ondertekende, concept beëindigingsovereenkomst. Dit kan ook op verzoek van de werknemer gebeuren nadat partijen overleg hebben gehad over het einde van het dienstverband.

Werknemers menen vaak dat zij alleen de keus hebben om daarmee akkoord te gaan of niet. Echter, net als bij iedere overeenkomst, kan ook de werknemer een tegenvoorstel doen, bijvoorbeeld over de transitievergoeding. Vaak ontbreekt die in het voorstel van de werkgever of is het bedrag in het voorstel veel te laag.

Recht op WW-uitkering

Een belangrijke reden voor het sluiten van een beëindigingsovereenkomst is om het recht op een WW-uitkering veilig te stellen.  Daarvoor moet dan wel blijken dat de werkgever het initiatief heeft genomen voor beëindiging van het dienstverband en mag er geen sprake zijn van  ontslag om een dringende reden. Ook moet de geldende opzegtermijn wordt gehanteerd en mag er geen sprake zijn van ziekte op het moment van de beëindiging.

Opzegtermijn

In de beëindigingsovereenkomst dient de correcte opzegtermijn gehanteerd te worden om te voorkomen dat de werknemer een periode zonder inkomen zit: als de gehanteerde opzegtermijn te kort is, eindigt de loonbetalingsverplichting van de werkgever ruimschoots voordat het recht op een ww-uitkering ingaat!

Het UWV gaat er vanuit dat de werkgever de wettelijke opzegtermijn hanteert en neemt die termijn ook als uitgangspunt voor het begin van de WW-uitkering. De opzegtermijn die de werkgever tenminste in acht behoort te nemen wordt dan ook wel de fictieve opzegtermijn genoemd.

De wettelijke opzegtermijnen zijn, bij een duur van het dienstverband

  • korter dan 5 jaar in dienst: 1 maand
  • 5 tot 10 jaar in dienst: 2 maanden
  • 10 tot 15 jaar in dienst: 3 maanden
  • 15 jaar of langer in dienst: 4 maanden

Indien in een cao of arbeidsovereenkomst een langere opzegtermijn is vastgelegd, dan dient die gehanteerd te worden.

Herroepingsrecht

Vanaf 1 juli 2015 is een werkgever verplicht om de werknemer schriftelijk erop te wijzen dat de werknemer een bedenktijd heeft van 2 weken om de overeenkomst te herroepen. Verzuimt de werkgever dat, dan heeft de werknemer 3 weken de tijd om de overeenkomst te herroepen.

Vragen?

Heeft u vragen over een beëindigingsovereenkomst, moet u wel of niet tekenen, dan kunt u altijd vrijblijvend met mr Petra Rijnsburger bellen, e-mailenof het contactformulier invullen. Daarnaast kunt u gebruik maken van het gratis en vrijblijvende inloopspreekuur van BK&R advocaten mediation aan de Westersingel no. 14 te Leeuwarden, elke maandagmiddag van 14:00 tot 17:00 uur. Baat het niet, dan schaadt het niet!